Archive forthesis

London, where the Londanians live

Just as an update, I have decided to stay in London for a while. At the moment looking for a serious job (scary) in the Digital Media Industries.. A nice house to live in, on the north side of the river (that means, I’m moving upwards) and a way to finish my dissertation.

Dissertation is going to be about affect and technology and some good old Marxian exploitation. A good article to kinda get where I’m writing about is Download Downtime by Trebor Scholz (pdf)(html) about exploitation of humans by machines, of the human-technology relationship and about good and evil. I still have to work on my take on this interesting but difficult debate, but will certainly publish it when i got it done.

Stay tuned!

Comments

Reputatie

Dit is een halve potentiele thesis inleiding: 

Een virtuele identiteit is vrijblijvend en vergankelijk. Daardoor is het vaak moeilijk om op basis van iemands virtuele identiteit een inschatting te van diens betrouwbaarheid. In de loop van de tijd zijn er meerder manieren bedacht om de virtuele identiteit meer waarde mee te geven. En daarmee mensen redenen te geven minder vrijblijvend met hun virtuele identiteit om te gaan, en te zorgen voor beter gedrag.

Reputatie

Een manier op een virtuele identiteit waarde toe te kennen is het creëren van een virtuele reputatie. Reputatie is een begrip uit de oude wereld laten we eerst daar eens kijken naar de definities

a usually domain (key) specific (and nearly always fuzzy) calculation of an identity’s reputation or standing (usually within a community) Bron

Reputation is the general opinion of the public towards a person, a group of people, or an organization. It is an important factor in many fields, such as business, online communities or social status. bron

Reputatie is in mijn definitie een eenheid waarin de vertrouwen in een identiteit uitgedrukt kan worden. Nog geen eenvoudige definitie maar al werkbaar.

Ebay
Online heeft reputatie veel bekendheid gekregen door het reputatie systeem van EBay dat er voor zorgt dat kopers kunnen kijken wat de reputatie van een verkoper is, en er van uit kunnen gaan dat verkopers hun best zullen doen hun reputatie in stand te houden.

Het nadeel van het reputatie systeem van eBay is dat het niet overdraagbaar is, het werkt alleen voor eBay en eBay wil dat graag zo houden. Je fantastische eBay reputatie zal je dus niet helpen, als je via een andere website een artikel onder rembours wilt bestellen. Om dit probleem te verhelpen zijn verschillende websites een website-onafhankelijk reputatie systeem begonnen.

Niet Ebay
Sommige zijn al een tijdje bezig of zijn online versies van bedrijven gidsen waar de waardering en reputatie wordt vermeld. Bekendere voorbeelden daarvan zijn Opinity.com en IKarma, nadelen van deze websites is dat ze net als eBay gesloten systemen zijn. De reputatie die je bij deze websites opbouwt kun je niet in een andere website tonen, je kunt er slechts naar linken.

Begin november was er op Techcrunch een post te lezen die over het ontbreken van een verplaatsbare reputatie.

Here’s what we need - a referee and a scorekeeper. Open (I didn’t say free, mind you) APIs in and out, not just links to feedback scores. Figure out the rules (keep it flexible) and let other applications feed the database. Somebody please build this. Or eBay, open up your Feedback API. (bron)

Ook andere komen met suggesties:

For example I should be able to put one reputation link up on my blog and for my personal web site (almost the same but not quite). Right now how the ratings are its not really feasible. My blog isn’t buying or selling anything and it certainly isn’t personal because my relationship is one to many, and creating a second identity defeats the value of Rapleaf, so through our conversation we decided I needed than friend, buyer, and seller to be rating choices. I needed to be able to select from some basic categories e.g. blogging, dating, professionalism, ethics, morals, etc. (bron)

Niet lang daarna kwam er een nieuwe website: Rapleaf poogt een vrij toegankelijke variant van eBay’s feedback systeem te zijn. De website staat open voor gecontroleerde toegang van andere websites, en kan dus geïntegreerd worden in andere applicaties. Hiermee zijn dus voorlopig alle wensen op het gebied van zakelijke reputatie opgelost

Sociale Reputatie
Naast de handelsreputatie bestaat er natuurlijk ook een bredere reputatie, de sociale reputatie. Waarbij de voorwaardes die bij de handel nog zo duidelijk te stellen zijn “geld gaat van koper naar verkoper, product gaat van verkoper naar koper, en det gaat goed, niet goed” Is dit in de sociale wereld veel moeilijker. Ook hier zijn weer oplossingen voor de dag gekomen

En vaak genoemd voorbeeld is die van slashdot. Een online magazine waarin de karma van een gebruiker bepaald op welke plek zijn reactie op een artikel wordt geplaatst. Gebruikers met een hoog Karma eindigen hoog op de lijst, gebruikers met een laag Karma moeten eerst punten verdienen door het schrijven van goede reacties die door andere gewaardeerd worden, om langzaam bovenaan te kunnen komen. Steeds meer fora nemen dit systeem over om te zorgen dat het systeem zich zelf draaiend houdt.

Maar ook voor Slashdot en alle andere fora en communities (zoals wiki’s) geldt dat de reputatie gesloten aan het systeem vast zit. En vaak maar bruikbaar is voor een onderwerp. Volgens velen kan het niet anders, reputaties zijn perse context gebonden en kunnen niet verplaatst worden, maar is dit wel zo?

Pete Cashmore verdedigt echter de stelling dat reputaties wel verplaatsbaar zijn

The same argument is levelled at Cory Doctorow’s fictional reputation system Whuffie. From the Wikipedia article on Whuffie: “it could be frequently uninformative: if a person has a high Whuffie score, is it for guitar playing or auto repair?”. The obvious point that’s being overlooked here is that you could easily split up the reputation score into categories - heck you could probably even use tagging. This is Reputation 2.0, after all! (bron)

En ik voel wel wat voor zijn stelling, eerder was het taggen ook al bij mij opgekomen als oplossing voor het vatten van een online identiteit.

Op dit gebied is tot nu toe de geciteerde Whuffies een van de weinige conceptuele methodes om mee te kunnen werken. Hoewel de whuffie ook wel vaak wordt vergeleken met de ruil handel en een technische uitvoering kent in het Ripple systeem, is dit toch niet wat met Reputator voor ogen heb. Ik wil geen alternatieve valuta eenheid creëren waarmee producten en diensten geruild kunnen worden. (Maar deze mogelijkheid natuurlijk ook niet per direct uit sluiten). Wat ik wil is het maken van een systeem waarbij iemands virtuele identiteit zo beschreven kan worden dat deze het dichts bij de fysieke identiteit in de buurt komt. En dat andere daar zo veel mogelijk vertrouwen in kunnen hebben.

Een andere punt wat ik nog even wil aanstippen is dat een online identiteit uit eindelijk toch vooral je email adres is. Ebay werkt met een terugkoppeling naar een email adres (voor paswoorden) Rapleaf, IKarma en Opinity werken er ook mee.

Wellicht kan mijn begin stelling nu ook al iets scherper gesteld worden:

Mijn definitie van online Reputatie is een eenheid waarin het vertrouwen in een identiteit (uitgedrukt als emailadres) gemeten kan worden. Uiteindelijk dus een combinatie van woorden en woordwaardes per email adres.

Hierbij twijfel ik zelf al weer een beetje, een eenheid per email adres of gebiedseenheden per email adres, wellicht kunnen er meerdere getallen aan emailadres gekoppeld zijn.

Uitgangspunten Reputator
sociale reputatie (in tegenstelling tot handelsreputatie)

  • geschikt voor meerdere soorten reputatie
  • meetbaar (in een getal of woord uitdrukbaar)
  • sociale website (andere gebruikers bouwen mee aan jou reputatie)
  • negatieve en positieve reputatie naast elkaar mogelijk
  • online identiteit is email adres gebaseerd (het hebben van websites helpt andere wel bij hun oordeel vormen, maar zal niet bijdrage aan de gemeten reputatie)
  • kan zelfstandig draaien, maar is bedoeld als koppeling voor andere websites

Comments (2)

De relatie tussen samenwerken, beloning, reputatie en vertrouwen.

Vertrouwen is een idee dat gedrag uit het verleden iets zegt over toekomstig gedrag

De moraal filosofe Annette Baier beschreef het als:“One leaves the others and opportunity to harm one when one trusts, and also shows one’s confidence that they will not take it.” Baier, A. in Friedman, B., Kahn, P. H., Howe, D. C., Trust Online 2000

In de online wereld zijn er steeds drie partijen, de aanbieder, de afnemer en de beheerder van het platform waarop deze transactie wordt geregeld. Waarbij verruit de meeste aandacht gaat naar de reputatie van de aanbieder. En op de tweede plek de reputatie van platform komt, Wellicht omdat bijna alle transacties eerst betaald moeten worden voordat er iets gestuurd wordt. En de reputatie van de afnemer dus minder van belang is.

Behalve dat een betere reputatie leidt tot een verbeterde samenwerking zou het ook mee kunnen gaan spelen in de prijs van de goederen.

“Conceptually, we should expect reputations to affect not just rates of cooperation, but also the price of goods in these markets. If these reputation systems do in fact provide useful information and in an incentive to behave in a trustworthy manner, buyers should be willing to pay more for a good it if comes from a highly rated seller, at least when the transaction involves significant risk” (Kollock, 1999, p. 14)

Resnick (2001) beschrijft acht factoren die meespelen in het bepalen van iemands betrouwbaarheid

(1) Most retail transactions are conducted locally, which gives individuals the opportunity to inspect them, as say with fruit in a rural market. If quality is discernible, no trust is needed.

(2) Retail operations tend to be large relative to their local market, be they vegetable sellers or the local department store. Buyers have frequent interaction with the same seller, and learn whom they can trust.

(3) Even when one’s personal interactions are limited, given that a retailer’s sales are concentrated in a locale makes it easy to develop reputations so customers learn about retailers from their peers.

(4) Retailer reputations are borrowed from other contexts. For example, retailers are likely to be pillars of the church and community, and would be highly reluctant to sacrifice the status that comes from such reputations.

(5) Reputations are built over many years; witness the reputations of Sotheby’s and Christies, the leading auction houses, which are hundreds of years old.

(6) Reputations are borrowed from others. Thus celebrities will attest to the quality of products.

(7) New goods benefit from established brand names, and policing of quality by those who own them. The product, not the retailer, wins the reputation.

(8) Significant expenditures – e.g., building a fancy store on Manhattan’s Fifth Avenue indicates that one will be reliable, lest this expenditure be wasted, a form of signaling.

Resnick, P. and Zeckhauser, R. Trust Among Strangers in Internet Transactions:
Empirical Analysis of eBay’s Reputation System.
2001

Deze acht factoren zijn niet allemaal direct toepasbaar op de online wereld, maar als we ze ruim lezen dan zijn ze haast allemaal wel te vertalen naar een online omgeving. Een wellicht lastig oplosbaar probleem is dat verkopers er veel meer belang bij hebben om positief beschreven te worden dan kopers dat hebben. Wellicht veranderd dit probleem als iedereen zowel verkoper als koper wordt. Of ruimer gezien deelnemer in het geven en nemen.

Waarom werkt het ebay systeem? samengevat komt dat volgens Resnick door geloof in het systeem:

It’s not how the system works, but that its participants believe it works – even if they don’t know why (Resnick, P., Zeckhauser, R., 2001)

Zelfs als mensen niet begrijpen hoe het werkt gaan ze er van uit dat ze mee moeten werken omdat ze anders in hun eigen nadeel werken.

Een ander punt hier is hoe voorkom je dat alleen de extreme in gedrag worden gedeeld, iemand zal iets zeggen als hij buitengewoon tevreden is om zich opligt voelt, daartussen lijkt soms weinig te zitten.

Samengesteld uit de volgende drie blogposts:
http://deonnedawson.blogspot.com/2004/10/reputations-in-online-and-offline.html http://caixiawuit.blogspot.com/2004/10/repuation-and-trust.html http://inst7150.motime.com/1099007750#365217

Kollock, P. (1999). The Production of Trust in Online Mark ets. Retrieved on October 24 th , 2004 from source: http://www.sscnet.ucla.edu/soc/faculty/kollock/papers/online_trust.htm

Resnick, P. (Dec, 2000). Reputation Systems. Retrieved on October 24 th , 2004 from source: http://www.si.umich.edu/~presnick/papers/cacm00/index.html

Resnick, P., Zeckhauser, R. (2001). Trust Among Strangers in Internet Transactions: Empirical Analysis of eBay’s Reputation System. Retrieved on October 24 th , 2004 from source: http://www.si.umich.edu/~presnick/papers/ebayNBER/index.html

(een prachtige video hier over is wellicht deze)

Comments (1)

Hakken met knopen

Afgelopen weekend toch maar eens wat knopen door gehakt, vooral na het zien van een indrukwekende presentatie op youtube en de bijbehorende flickr foto stream (en voor het totaal plaatje ook de blog van een van de makers) had ik genoeg inspiratie en focus om maar eens wat te gaan maken.

Het project zal in eerste instantie gaan over het in kaart brengen van iemands reputatie stroom. Met daarbij als onderbouwing dat op internet een lichamelijke aanwezigheid ontbreekt, en dat er daarom andere manieren gevonden moeten worden om de betrouwbaarheid van andere (voor de toekomst) te voorspellen. Een manier is om gebruikers die in het verleden een positieve ervaring met deze identiteit hebben gehad te groeperen. En hun hen ervaringen te laten delen. Reputatie opbouwen uit ervaringen uit het verleden om daarmee toekomstig gedrag in banen te kunnen leiden.

Wat is hier nu zo anders aan? Het systeem waar andere gebruikers voor elkaar instaan heeft wel wat weg van het gevangene dilemma (meer info Game Theory), je weet dat je niemand kunt vertrouwen in de gevangenis, maar als je niet samen werkt zul je nooit ontsnappen. Iedere gebruiker verantwoordelijkheid geven voor de ander. Een soort sociale groepsgevangenis (zoals hyves er wellicht al eentje is). En dit alles zonder regels, zonder wetten en zonder straffen. Gedraag je je goed dan stijgt je reputatie, gedragen je vrienden zich goed dan stijgt jouw reputatie. Maakt iemand waarvoor jij instaat echter een rommeltje van zijn gedrag dan daalt ook jou reputatie.

Wat is het voordeel hier van? Waarom zou iemand wiens reputatie onder nul daalt, nog melding maken van zijn reputatie, en geen nieuwe identiteit aan nemen. (Dit is natuurlijk op internet erg gemakkelijk gedaan). Iemand heeft er belang bij als hij veel vertrouwen krijgt. Hij kan (in het geval van ebay) zijn spullen duurder verkopen en (hier moet ik nog even een voorbeeld voor vinden) spullen goedkoper kopen. Maar het werkt ook op allerlei niet financiële gebieden de website Opinity onderscheidt bijvoorbeeld 4 categorieën: Commerce, Community, Dating en Gaming zelf ben ik nog aan het denken of kennis er ook eentje is. Om het opkomende fenomeen burger journalistiek en “amateur” wetenschap in goede banen te leiden, zouden we kunnen beginnen met het meten van reputatie. Als een blogschrijver bijvoorbeeld ook voor de volkskrant schrijft en tientallen mensen de volkskrant een hoge reputatie toe dichten, kan deze schrijver profiteren van de reputatie van zijn werkgever. Een democratisch systeem om via vertrouwen een reputatie op te bouwen en via het vergelijken van reputaties een autoriteit op een gebied te vinden. Als dat niet Web2.0 is dan weet ik het ook niet meer.

Welke dingen zijn er al

reputatie management sites; Opinity, iKarma en Rapleaf

Site gebonden reputatie systemen van Ebay,Slashdot en Tweakers

Het overkoepelende systeem van Microsoft en Sxip

Interessante weblogs: Opinity, Identity 2.0, Dave Chiu en Kim Cameron’s Identity Weblog

Interessante artikelen:
Trust and Reputation in Web-based Social Networks

Digital ID: How are you managing?
The semantic web, digital identity, and Internet governance

blogposts:

claim je identiteit
whuffie
Interessante videos
http://www.identity20.com/media/OSCON2005/
http://www.identity20.com/media/WEB2_2005/

Wikipedia artikelen:

http://en.wikipedia.org/wiki/Reputation_management

Comments (2)

the liquidation of the self

Hoe het computertijdperk het begrip van het zelf veranderd

Identities are never undefined and, in late modern times, increasingly fragmented and fractured; never singular but multiply constructed across different, often intersecting and antagonistic, discourses, practices and positions. They are subject to a radical historicization, and are constantly in process of change and transformation.. (Stuart Hall, 1996 - Londen, Questions of Cultural Identity)

For Foucault, people do not have a ‘real’ identity within themselves; that’s just a way of talking about the self — a discourse. An ‘identity’ is communicated to others in your interactions with them, but this is not a fixed thing within a person. It is a shifting, temporary construction. (Foucault)

But although a person is not commonly thought of as a process, we can think of his life or personal history as a process, a sequence of events. “Personal Identity” (John Perry 1975)

Identiteit wordt bij een gehouden door de “ander”. Iemand bestaan wordt bij een gehouden door verhalen die andere vertellen. En de verhalen die wij andere vertellen. Door onze kennis van andere verhalen, kunnen wij iemand als een geheel zien, ook al speelt deze slechts een tijdelijke lokale rol. Nieuwe verhalen over de ander veranderd ons beeld van diens identiteit. Tevens draagt onze toenemende en veranderende kennis van verhalen bij aan het veranderen van het beeld van de ander.

That particular actions derive their characters as parts of larges wholes is a point of view alien to our dominant ways of thinking and yet one which it is necessary at least to consider, if we are begin to understand how a life may be more the a sequence of individual actions and episodes. (Macintyre, A., After virtue; A study in moral theory 1985 Duckworth London 204, 205)

Als identiteit meer is dan een opeenvolging van individuele acties en afleveringen, waar is dat meer dan? Het antwoord ligt wellicht in onze cultuur.

Onze identiteit kan gevonden worden in de omgeving die zich aan ons spiegelt, en in de herinneringen aan ons zelf in andere tijden. Spreken van het aannemen van verschillende identiteiten zou dan ook niet mogelijk zijn, omdat hoewel onze omgeving ons best als meerdere identiteiten kan zien, wij ons zelf nog steeds als een persoon in meerdere rollen blijven herinneren. En tegen onze wil worden opgesloten als wij dit niet meer doen.

Dit brengt mij tot het volgende dilemma hoewel ik technisch in staat ben om een nieuwe identiteit op internet te creëren en deze via verhalende vorm aan het publiek te presenteren. Deze identiteit niet veel meer (of minder) is dan een nieuwe rol die ik als auteur speel, het ontstijgt mij als auteur niet. Het ontstijgt mij zelf pas als de lezer / gebruiker van mijn verhaal er zelf mee verder gaat. Als gebruikers onderling op basis van mijn gecreëerde identiteit verhalen gaan uitwisselen. Is de identiteit niet alleen meer een uiting van mij, maar is het mij ontstegen.

Project: verhalende virtuele sociale identiteitsconstructie.

Doel: Identiteitsvorming op internet aan tonen, welke input is nodig om uit eindelijk tot een identiteit te komen die ook zonder nieuwe input van de auteur kan zijn.

Research Question: Waarom lezen mensen verhalen, waarom volgen mensen iemands leven, wat is het dat mensen geïnteresseerd doet zijn in de ander.

Een boek dat verder ingaat op verhalende identiteitsconstructie is After virtue

Any contemporary attempt to envisage each human life as a whole, as a unity (…) encounters two different kinds of obstacle, one social and one philosophical. The social obstacles derive from the way in which modernity partitions each human life into a variety of segments. And all these separations have been achieved so that it is the distinctiveness of each, and not the unity of the life of the individual who passes through those parts in terms of which we are taught to think and feel.

The philosophical obstacles derive from two distinct tendencies, one chiefly, though not only, domesticated in analytical philosophy and one at home in both sociological theory and in extentialism. (…)

That particular actions derive their characters as parts of larges wholes is a point of view alien to our dominant ways of thinking and yet one which it is necessary at least to consider, if we are begin to understand how a life may be more the a sequence of individual actions and episodes.

And the unity of a virtue in someone’s life is intelligible only as a characteristic of a unitary life, a life that can be conceived and evaluated as a whole.

Macintyre, A., After virtue; A study in moral theory 1985 Duckworth London 204, 205

Comments

Hypernarrative

Woensdag vond ik in de mediatheek de intressante thesis: Hypernarratives – Stratagies for integrating the opposing cultural logics of database and narrative in hypermedia. Geschreven door Kars Alfrink in 2002. Kars’project was een hypernarrative een verhaal dat op meerdere manier gelezen kon worden. Iets dergelijks wil ik ook proberen maar dan in de vorm van elkaar overlappende identiteiten en verhalen op web2.0 sites.

Interessant voor Project:

De twintigste eeuw werd gedomineerd door verhalende media, Film, Tv, Radio etc. In het begin van deze eeuw echter zien we een langzame opkomst van de database media. De oorzaak - gevolg logica wordt daarbij aan de gebruiker over gelaten. (Het element Tijd wordt uit de presentatie gehaald, en kan er door de gebruiker naar eigen inzicht weer ingestopt worden)

Over wat een Narrative zou moeten bevatten quote Kars Mieke Bal: It should both contain an actor and a narrator; it also should contain three distinct levels of text, the story and the fabula; and its “contents” should be “a series of connected events caused or experienced by actors. (Bal, M., Narratology: Introduction to the theory of the narrative (Toronto: University of Toronto Press, 1985), 8 ) in Alfrink, K., Hyper narratives 2002, 10

“Its language is a half-heard murmur, fractured, fitful, nondiscursive, nonlinear.” Harvey, The Island of lost maps, 2001, 37-38)

Een Hyper narrative is als een kaart. Er is informatie maar geen directe aanwijzing waar je zou moeten beginnen met het lezen van deze informatie. En dit doet er wellicht ook niet toe.

Wat ik gebruikers aanbied is een gevulde database, die veranderd in de loop van de tijd. Hierbij probeer ik de gebruiker via lichte sturing een verhaal te laten “construeren”.

Verhaal – auteur – web2.0/database – gebruiker – verhaal

Hoewel ik mijn verhaal in een bepaalde handelingsvolgorde invoer, is het onwaarschijnlijk dat de gebruiker het verhaal in een zelfde tijdsvolgorde creëert. De wijze waarop ik mijn verhaal ontvouw heeft echter wel invloed op hoe de gebruiker het ontvangt. Het is dus geen interactief verhaal, het einde staat vast. De manier waarop de gebruiker het bouwt staat echter open.

Als ik een bestaand verhaal zou omzetten van Narrative naar hypernarrative, dan zal ik een deel van het verhaal moeten afstaan aan de database, tijd in ruimte omzetten. Hierbij zal van de gebruiker echter een grote inspanning verlangt worden, en tegenover een grote inspanning moet “gevoelsmatig” een grotere beloning staan.

How can we keep a coherent narrative or any other development trajectory through the material if it keeps chancing? (Manovich, L. Language of new media 2001).

We laten een zekere maten van onvoorspelbaarheid toe. De speelruimte waarbinnen het verhaal zich kan bewegen vergroten we (ten opzichte van de oude media).

Hypermedia Authors should seek to create “(…)” signs that attempt to condese meaning rather than simply dice it into even smaller shards. (Lunefeld, P., Snap to grid, A users guide to digital arts, media and cultures, 1st paperback editon 1st printing, MIT press 2001, 53)

Dus naast het voordeel van de gebruiker zijn eigen verhaal laten samenstellen. Moet de auteur daar ook extra betekenis tegenover stellen. Een bestaand verhaal in kleine blokjes verdelen is niet genoeg. Ieder blok moet als verhaal op zich kunnen staan, en de gebruiker uit dagen om verder te lezen. (Immediacy)

Een mogelijk probleem is dat de gebruiker niet van te voren het hele verhaal kan overzien, en ook niet kan inschatten of er een heel verhaal te zien is. Ik zal dus een manier moeten vinden waarop de gebruiker duidelijk gemaakt wordt, dat er meer is dan dat hij in eerste instantie te zien krijgt.

De verhalende database word zowel Manovich als Alfrink vergeleken met de schilderkunst die europa eeuwen lang de leidende media was. Hoewel alle ingrediënten in een keer zichtbaar zijn, moet de gebruiker toch al verkennende zich het verhaal eigen maken. Wellicht een leuke manier om het uiteindelijke verhaal te presenteren een print naar voorbeeld van een 17e eeuws schilderij, met nieuwe symbolen en nieuwe verhalen.

Net als dat schilderijen vroeger bol stonden van de symbolen, zo is nu ook internet gevuld met symbolen die slechts door de insiders kunnen worden waargenomen.

Verhalen vertellen; identiteiten worden geconstrueerd door verhalen. Men leert de ander kennen niet alleen door directe communicatie maar ook door diens verhalen. Ik maak in mijn hoofd een beeld van jou, door mijn gespreken met jou, de dingen die ik over jou lees, en de mijn kennis over bepaalde identiteiten in het algemeen

Interessante links over interactieve verhalende websites

http://www.scottmccloud.com/comics/carl/3a/02.html
http://www.exactitudes.com/
http://www.nobodyhere.nl/

Interessant voor mijn Thesis:
In de thesis wordt verwezen naar een interview van Daniel Palmer met Manovich gepubliceert in Real Time (Australië 2001) waaruit ik hier een vraag zal overnemen.

Q. One of the distinctions you make in the book is between the database and narrative as competing symbolic forms. What is the significance of this contemporary shift to the database?

A. The shift to the database can be understood as part of the larger shift from a traditional “information-poor” society to our own “information-rich” society. Narrative made sense for cultures based on tradition and a small amount of information circulating in a culture – it was a way to make sense of this information and to tie it together (for instance, Greek mythology). Database can be thought of as a new cultural form in a society where a subject deals with huge amounts of information, which constantly keep changing. It maybe impossible to tie all together in a single (or a set of) narrative but you can put it in a database and use a search engine to find what you are looking for, to find information which you are not aware of but which matches your interests and finally to even discover new categories. In short, a narrative is replaced by a directory/index.

Modernisme / Postmodernisme // Narratives / Database
Wellicht kan men beweren dat met de verschuiving van modernisme (de maakbare samenleving, het maakbare leven) naar het postmodernisme (De tijdloze historie) ook de verschuiving van verhalen naar “losse informatie” (databases) heeft plaats gevonden. Wat wellicht weer te passen valt in de bewering van Foucault dat geschiedenis zich discontinu ontwikkelt.

The ability of a computer to produce endless variations of elements and to act as filter, transforming its input to yield an new output - becomes the logic of our culture at large. (Manovich, L. Language of new media 2001, 236)

Mijn onderzoeksvraag zou dus kunnen zijn: Wat zijn de gevolgen van database media / nieuwe media / sociale webapplicaties / web2.0 op het begrip (van) persoonlijke sociale identiteit.

Comments (1)

Project en Thesis III

Afgelopen weekend weer een zinnige quote gevonden die mij een stuk op weg hielp:

Camus‘ beroemde roman De vreemdeling behandelt de existentiële angst van de mens aan de hand van de beschrijving van de hoofdpersoon, die in elk opzicht een ‘vreemdeling’ is: vervreemd van zijn lang, en van de andere mensen. Hij vertegenwoordigt een diepe vervreemding van het individu. (Bergman, G., The little book of bathroom philosophy 2004 Rainbow pockets, Amsterdam blz 10)

Vervreemding als thema voor mijn project dus. Nu weet ik nog niet of ik dat boek wil gebruiken (Ik moet het eerst nog vinden). Maar het thema vervreemding interesseert me wel. Het is wellicht de ongewenste vorm van het creëren van een nieuwe identiteit. En waar beter dan op het web zou het zich kunnen afspelen.

Thesis

Wat wil je vertellen.
-ik wil het verhaal van de lichaamsloze identiteit vertellen.
-zijn identiteiten zonder lichaam echt, of ten aller tijden verzonnen.
-welke problemen komen voort uit een lichaamsloze identiteit.

Hoe ga je dat onderzoeken
Hoe heeft online identiteit zich ontwikkelt na de homepage.
Hoe uiten mensen/ creëren mensen hun sociale identiteit.

Welk punt wil ik maken.
-Dat alles een verhaal is / dat alles een database is
-Een verhaal is een voorgeprogrammeerde route door een database.
-als je mensen een database geeft, wat blijft er dan over?

-Identiteit is een veranderende constructie die door iedereen anders beleefd wordt. Er is geen kern er is geen juiste afspiegeling.

Tijd en Ruimte / Verhaal en database.

-In Manovich boek (The Language of New Media) wordt er een duidelijk verschil gemaakt tussen verhaal en database (verzameling) is echter niet een verhaal een voorstelling van de wereld volgens een tijdlijn (oorzaak - gevolg) en database alle objecten in een plaats. Waarbij het begrip plaats weer problemen oplevert. Is een database niet een verhaal zonder tijdsverloop. Conclusie: Als je in een verhaal element tijd weg laat, verval je tot een database, laat je in een verhaal de database weg dan blijft alleen de tijd nog over. (Ruimte kan zonder tijd bestaan, tijd is niet te meten zonder ruimte) Hoera nog meer filosofische ellende J

Research
-Bestaan er boeken waarvan de hoofdpersoon zich bewust is van zijn aanwezigheid in het boek.
-Bestaan er films die om zichzelf gaan.

-Manovich herlezen en opzoek gaan naar wat verhalen met identiteit te maken hebben
-Thesis over virtual narratives lezen en samenvatten.
-Artikel over persoonlijke identiteitsconstructie samenvatten.

Project: Vervreemding

Onderwerpgebied:
-Sociale virtuele identiteit constructie.

Bredere context
-De sociale webinfrastructuur maakt het mogelijk om aan veel delen van je identiteit op gemakkelijke wijze te bouwen.

Kenmerken internet personage:
-lichamelijk afwezig
-vervreemd van zichzelf
-heeft het een reële binding met een bestaande wereld nodig, of kan het ook alleen aan internet refereren

Doelgroep van project
-“Jongeren” met een bovengemiddelde kennis en intresse van internet..
-Geïnteresseerd in kunst en cultuur, en geïnteresseerd in nieuwe media en de mogelijkheid tot het vertellen van verhalen.

Onderwerp van project
-Webverhaal maken met behulp van web2.0 sites
-Webverhaal een soort dagboek vorm over een hoofdpersoon gebaseerd op een boek met als thema de vervreemding.
-Het herschrijven van een bestaand verhaal zodat deze geschikt is om in “dagboek” vorm gebracht te worden om het web.

Mogelijke verhalen:
-kort verhaal uitwerken tot testcase
-klassiek werk van Shakespeare gebruiken
-Detective, waarbij de gebruiker/lezer op zoek moet gaan naar aanwijzingen voor de waarheid.

Randvoorwaarden verhaal
-Een (1) hoofdpersoon
-locatie minder van belang (denk aan toneel)
-dagboek vorm
-Weinig figuranten

Randvoorwaarden
-Positieve belichting van internet
-interactiviteit is geen moeten
-bestaande web2.0 tools.

Comments (1)

Identiteit modernistisch / postmodernistisch

Al geruime tijd bestaat in de theorie vorming over de constitutie van het subject een zekere mate van consensus over het inzicht dat het idee van een gecentreerd, authentiek zelf dat vooraf gaat aan het sociale en culturele een fictie is, hoe waardevol en “real in its consequences’ deze fictie ook mag zijn. (van der Ploeg, I., Op het lijf geschreven in de Mul, J. Filosofie in cyberspace, Kampen, Uitgeverij Klement 2002, 257)

Identiteit zoals ik het kan overzien is de som van de persoonlijke herinneringen en herinneringen aan de persoon van de wereld om de persoon heen. Deze herinneringen van andere bestaan uit herinneren van andere mensen die de persoon ontmoet hebben (in de breedste zin van het woord). Maar ook herinneringen die objecten bewaren zoals foto’s en geschriften (Waaronder ook de gemeentelijke administratie etc).

Als we een van deze weg zouden halen, zou er nog steeds een identiteit kunnen bestaan, maar begint deze te happeren. De persoonlijke identiteit vanuit het zelf is een visie die wordt verbonden met de Modernisten samengevat in DesCartes: “Cogito, ergo sum, ik denk, dus ik ben”

Lock probeerde hier een regel voor op te stellen Een identiteit is gelijk aan zich zelf als:

 A does contain or could contain a memory of an experience contained in B. (Locke, J. in Perry, J. Personal Identity Berkeley, University of California press 1975, 16)

In deze regel houdt een persoon zijn identiteit dus bij elkaar door herinneringen. Ik kan mij herinneren wat ik gister gedaan heb, en wie ik gister was, en ben dus op tijdstip X en Y dezelfde persoon. De problemen beginnen te komen op het moment dat door bijvoorbeeld dementie mijn geheugen minder zou worden. Als ik geen herinneringen meer heb aan hoe ik was als kind, zou het kind en de bejaarde versie van mijzelf niet meer dezelfde persoon zijn. Het spreekt voor zich dat dit door een ieder als onzin gezien zal worden.

Andersom beweren dat een identiteit puur een constructie van de omgeving is  de franse filosoof Foucault is hier een voorbeeld van

For Foucault, people do not have a ‘real’ identity within themselves; that’s just a way of talking about the self — a discourse. An ‘identity’ is communicated to others in your interactions with them, but this is not a fixed thing within a person. It is a shifting, temporary construction. (Gauntlett, D., Michel Foucault, 1998 http://theory.org.uk/ctr-fou1.htm (11-04-2006))

Hierbij treed volgens mij de vreemde gewaarwording op, dat mensen zowel voor als na hun dood kunnen bestaan. Als toekomstige ouders praten over hun toekomstige kind, dan al bestaat het kind in de gedachte van de ouders. Ze kunnen het kind een naam geven en er over praten alsof het er al is. Als het kind eenmaal geboren is en opgroeit neemt zijn bestaan toe naarmate er meer andere zijn om mee te communiceren. Als het kind eenmaal als bejaarden overlijd, kan het nog na zijn dood na bestaan. In de gedachten van andere, pas als de alle informatie over de overledene verdwenen is, houdt het op te bestaan, mocht er daarna nog nieuwe ontdekkingen worden gedaan kan de persoon weer tot bestaan komen. Hier uit volgt volgens mij ook de post modernistische gedachte dat geschiedenis discontinu is.

 Identity over Time

 

Een merkwaardig grafiekje om mijn woorden te ondersteunen, volgens de modernisten is de identiteit iets wat aan iemand vast zit, de groene grafiek, die begint bij de geboorte en eindigt bij de dood. Voor postmodernisten is een identiteit een construct. Het zwelt langzaam aan bij de geboorte, en dooft langzaam weer uit naar de dood. Hoe meer omgeving kennis van jou identiteit heeft, hoe groter je identiteit is.


 

Comments (1)

« Previous entries

Recent Comments: